Verkeersborden leren

Je hoeft niet elk bord als los plaatje te onthouden. Leer eerst de vorm en de kleur, daarna de serie, en oefen daarna de borden die je verwisselt.

Gratis oefenen

Vorm en kleur

  • Driehoek met rode rand: meestal gevaar of waarschuwing.
  • Rond: een regel. Rood is een verbod, blauw is een gebod.
  • Vierkant of rechthoek: informatie of een aanwijzing.
  • Achthoek: STOP. Helemaal stoppen.
  • Geel: een tijdelijke situatie, bijvoorbeeld wegwerkzaamheden.

Er zijn uitzonderingen. Daarom helpt oefenen meer dan de lijst alleen.

Ezelsbruggetjes

  • Schuine rode streep: niet parkeren. Even stilstaan mag wel.
  • Rood kruis: ook niet stilstaan.
  • Punt naar beneden: jij geeft voorrang.
  • Streep door het bord: het einde van die regel.
  • Blauw rond: verplicht, geen advies.

Onderborden horen erbij. Daar staan tijden, voertuigen of uitzonderingen.

De series

De borden zijn gegroepeerd. Als je de groep kent, leer je sneller. Het geheugensteuntje erachter is niet officieel.

Het volledige overzicht staat bij alle verkeersborden.

Waar mensen punten laten liggen

  • Parkeren en stilstaan door elkaar halen.
  • Voorrang geven en STOP verwisselen.
  • Het bord kennen, maar het einde-bord niet.
  • Het onderbord overslaan.
  • Alles in een avond proberen te leren.

Korter en vaker oefenen werkt beter. Na elke quiz kijk je alleen naar de fouten.